Image Zo zet ik een tolk in...  Lucinde Wiersema (10 jaar) is slechthorend geboren. Tussen haar tweede en zevende jaar is haar gehoor verder achteruit gegaan. Haar gehoorverlies is nu 120dB: Lucinde is stokdoof. Lucinde gaat naar het regulier onderwijs en zet daarbij een tolk in. Door Daphne Hilhorst. ‘Lucinde is de enige dove in onze familie’, vertelt haar 

 

moeder Nicole. ‘Dat ze niet goed kon horen is, is pas vastgesteld toen ze twee jaar was. Haar spraak kwam niet goed op gang. We dachten dat ze wat trager was door een aantal sterfgevallen binnen onze familiekring kort na haar geboorte, en dat dat wel bij zou trekken. Toen ze twee jaar werd en haar spraak nog niet goed op gang was, hebben we een hoortest laten doen. Daaruit bleek dat Lucinde slechthorend was.’

Lange dagen
Nicole en haar man Pieter Jan kozen er bewust voor om Lucinde naar een horende peuterspeelzaal te laten gaan. ‘Ze kon nog redelijk goed horen, daarom wilde we haar graag zoveel mogelijk spraak aanbieden’, vertelt Nicole. ‘Bovendien vonden we het ondoenlijk om een kind van tweeënhalf jaar met een taxi naar school te laten gaan. Ze maken dan zulke lange dagen.’ Nicole en Pieter Jan zijn wel meteen begonnen met het leren van gebarentaal: ‘Zeker toen het gehoor van Lucinde verder achteruit ging was het fijn dat we een basiskennis van de Nederlandse Gebarentaal hadden. Via gebarentaal konden we toch enigszins met haar communiceren’.

Toen Lucinde naar de kleuterklas ging was haar gehoor te slecht voor het regulier onderwijs, daarom ging ze naar Effatha. Om ook contact te houden met kinderen uit de buurt ging Lucinde een tot twee dagen per week naar een horende school in de buurt. De dagen op Effatha duurden lang. Lucinde moest ’s ochtends vroeg opstaan om op tijd in de taxi te zitten en ze kwam vaak pas tegen 16.30 uur weer thuis. ‘We probeerden haar na de taxirit wel altijd even buiten met een bal te laten spelen, zodat ze nog even wat frisse lucht kreeg en zich even kon uitleven’, vertelt Nicole. ‘Je kon merken dat ze dat nodig had. De hele dag opletten en dan na schooltijd nog anderhalf uur in de taxi, dat is niet bevorderlijk voor een kind.’

Een tolk in de klas
Nicole en Pieter Jan besloten uiteindelijk om hun dochter te laten integreren in het regulier onderwijs. ‘We waren ontevreden over de kwaliteit van het speciaal onderwijs en wilden dat Lucinde meer in de horende wereld integreerde’, vertelt Nicole. Lucinde gaat sinds groep 5 vijf dagen per week naar een horende basisschool. De extra ondersteuning die Lucinde nodig heeft zijn geïntegreerd in het lesprogramma. Zo krijgt ze vier ochtenden per week anderhalf uur een-op-een les van een remedial teacher. ‘Lucinde bloeide helemaal op. Na schooltijd hoefde ze niet meer in de taxi, maar kon ze lekker buitenspelen.’

Elke dag is er een tolk aanwezig in de klas. ‘De tolkvoorziening is raar geregeld’, zucht Nicole. ‘Als een doof of slechthorend kind een dag per week integreert op een horende basisschool, dan moet je je als ouders in allerlei bochten wringen om de tolkuren vergoed te krijgen. Gaat datzelfde kind vijf dagen per week naar het regulier onderwijs, dan krijg je alle tolkuren zonder problemen vergoed.’

De voordelen van een tolk
‘De tolken zijn erg belangrijk voor Lucinde’, vertelt Nicole. ‘De tolk is de oren en de stem van Lucinde. De tolk vertaalt voor Lucinde wat de meester en de kinderen vertellen en ze vertaalt voor de meester en de kinderen wat Lucinde vertelt. Lucinde heeft laatst een spreekbeurt gehouden. Ze stond voor de klas en vertelde in gebarentaal wat ze voorbereid had en de tolk heeft alles gestemtolkt. Op die manier kan Lucinde net als haar klasgenoten een spreekbeurt houden.’

Verder zorgt de tolk ervoor dat Lucinde meekrijgt wat er om haar heen gebeurt. ‘Zonder deze informatie zou Lucinde niet begrijpen waarom de meester opeens boos wordt op een ander kind’, vertelt Nicole. ‘Nu weet ze precies wat er gebeurt en ontdekt ze ook de sociale grenzen: wat is sociaal geaccepteerd in de horende maatschappij en wat niet.’

Fanatieke atlete
Tijdens het buitenspelen na de taxiritten ontdekte Nicole dat Lucinde erg goed met een bal kan omgaan en ook heel goed kan sprinten. Toen Lucinde haar zwemdiploma’s gehaald had, is ze op atletiek gegaan. De trainers ontdekten al snel dat ze veel aanleg heeft voor deze sport. Dat Lucinde talent heeft, bewees ze in 2007: ze werd Nederlands kampioen estafette. ‘Ik probeer altijd de eerste, tweede of derde plek te halen, want dan krijg je een medaille. Als je vierde bent, dan is het jammer, want dan is er vaak geen medaille’, gebaart Lucinde terwijl ze trots haar behaalde medailles toont. Ze traint twee keer per week: op woensdag met tolk en op zaterdag zonder tolk. ‘De tolk heeft Lucinde vooral nodig in het contact met de andere kinderen en de trainer, en niet zozeer voor het atletiek zelf’, vertelt Nicole. ‘Je hoeft haar niet uit te leggen hoe ze moet hoogspringen. Als je het haar laat zien, dan weet ze genoeg, daar heeft ze geen woorden voor nodig.’

`De trainers vertelden me in het begin: ‘je hoeft niet te kunnen horen om goed te kunnen zijn in atletiek, mevrouw’. Dat was zo fijn! Als ouder van een doof kind loop je vaak tegen problemen aan. Het is fijn als de buitenwereld ook eens met je meedenkt’, glimlacht Nicole. De trainers van Lucinde willen een cursus gebarentaal gaan volgen om beter met Lucinde te kunnen communiceren. En ook op andere fronten wordt de sport voor Lucinde toegankelijk gemaakt: ‘In het begin gaf ik Lucinde bij de wedstrijden 60 meter sprint een startsein zodra ik het startschot hoorde. Door dit ‘visuele starten’ verloor ze kostbare tienden van seconden’, vertelt Nicole. ‘Nu hebben we met de officials in de regio afgesproken dat ze het startpistool naar beneden afvuren als Lucinde deelneemt aan de wedstrijd. Lucinde kan dan vanuit haar ogen het vlammetje zien en zo op tijd starten.’

Een tolk regelen
Lucinde heeft nu een vaste groep tolken om zich heen waar ze het goed mee kan vinden. ‘We hebben geprobeerd tolken te vinden die goed bij Lucinde passen en waar Lucinde een klik mee heeft. Ze moet er immers wel de hele dag mee samenwerken’, vertelt Nicole. ‘Onze vaste tolken hebben we gevonden via Tolknet en via-via.’


`Zo zet ik een tolk in` is een initiatief van Tolknet. Stichting Tolknet wil dat de communicatie van doven, slechthorenden en doofblinden met andere mensen zo goed mogelijk verloopt door het inzetten van tolken. Tolknet streeft ernaar dat iedereen op de hoogte is van de mogelijkheid om tolken in te zetten en dat meer mensen van deze mogelijkheid gebruik maken. Daarom voert Tolknet twee belangrijke taken uit: voorlichting en bemiddeling. Meer informatie: www.tolknet.nl.

Bron: doof.nl