Image ARNHEM - De FOSS, Federatie van Ouders van Slechthorende kinderen en van kinderen met Spraak-taalmoeilijkheden, heeft de nieuwe folder "Tips om mee te doen op een sportclub" uitgebracht. De tips zijn bedoeld voor begeleiders en coaches. Met de juiste aandacht is het voor veel kinderen mogelijk om op een gewone sportclub te gaan.Een eerste exemplaar van de 
folder is op 22 januari uitgereikt aan Erica Terpstra, voorzitter van NOC*NSF. Zij zegde toe de participatie van kinderen met hoor- en spraaktaalproblemen op sportclubs te willen bevorderen.De folder zal onder andere worden verspreid naar sportorganisaties en opleidingsinstituten voor sportinstructeurs.

Slechthorende kinderen leggen moeilijk contact met de wereld om hen heen. De kans op verkeerd begrijpen en verkeerd begrepen worden is groot. Ze begrijpen een grapje net verkeerd, net te laat en staan vaak buitenspel. Onzekerheid en frustraties kunnen eerder ontstaan. Kinderen met spraak-taalmoeilijkheden kunnen in de regel wel goed horen. Zij hebben ook veel moeite met het (snel) begrijpen van wat wordt verteld, met name in grote groepen. Deze kinderen hebben vaak moeite om hun gevoelens onder woorden te brengen.

Net als andere kinderen willen deze kinderen graag sporten. Als de begeleiders onderstaande tips in acht nemen dan is dat meestal geen probleem:  

Algemeen
1. Luister goed naar de adviezen van ouders.

2. Een hoorapparaat is een hulpmiddel en maakt van een slechthorend kind geen goedhorend kind. Bij bepaalde sporten kan het hoorapparatuur beter uit (zwemmen). Let er op dat bij andere sporten of activiteiten het hoorapparaat en eventuele andere hoorhulpmiddelen goed worden gebruikt.

De groep en het kind
3. Vertel van tevoren aan de groep dat het kind slechthorend is of een spraak-taalprobleem heeft. Of laat het kind dit zelf doen als zij/hij dat wil.

4. Accepteer nooit pestgedrag.

5. Leeftijdgenootjes of wat oudere kinderen vinden het vaak leuk om iemand met een handicap te helpen. Laat dit niet overdreven veel toe. Een maatje is goed, maar het kind moet leren om op eigen benen te staan.

6. Beperk de extra aandacht voor het kind tot zaken die te maken hebben met de slechthorendheid of de spraak-taal problematiek; het kind mag niet in een uitzonderingspositie terecht komen.

Communicatie
7. Zorg bij instructies dat het kind naar u kijkt en dat uw mond goed zichtbaar is. Ga bijvoorbeeld niet met de rug naar het licht staan.

8. Goed articuleren (niet luider praten maar duidelijk) en mimiek gebruiken (handen en voeten, uitstraling, houding e.d.). Pas op dat het niet overdreven wordt.

9. Eén voor één spreken! Niet tussendoor met iemand anders gaan praten. Het hebben van geduld is nu eenmaal belangrijk in de communicatie met het kind.

10. Controleer of het kind de opdracht goed uitvoert. Dán pas bent u zeker of de opdracht goed begrepen is. Een bevestigend antwoord van het kind op uw vraag "heb je het begrepen?" geeft dus nog geen zekerheid.

Folder bestellen?
De gratis folder, een word-bestand van de folder en een jpg-bestand van de voorkant van de folder, zijn via de FOSS op te vragen.

FOSS
Postbus 14
3990 DA Houten
T. 030-2340663
F. 030-6360689
E. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
I. www.foss-info.nl

Bron: sport.nl