Image ''Werkcolleges zijn het moeilijkst''. Lessen volgen is voor de meesten onder ons al geen sinecure. Wanneer je echter te kampen hebt met een functiebeperking, stelt dat zijn specifieke problemen. Kim Vande Perre, studente Engels-Nederlands, is doof sinds haar geboorte. Een taalopleiding volgen ligt daarom niet voor de hand.

Hoe volg je onderwijs?
Kim Vande Perre: «Ik heb altijd 

hoorapparaten gedragen, waarmee ik wel nog wat kan horen. Het grootste probleem bij de geluidsperceptie is vooral de zuiverheid van het geluid, en het distantiëren van verschillende klanken. Zonder mijn hoorapparaten hoor ik helemaal niets. Toch zit ik al sinds het kleuteronderwijs op een gewone school.»

«Door van jongs af aan te liplezen, trok ik altijd goed mijn plan. Liplezen in de aula lukt vrij goed als ik vooraan zit, en daarnaast heb ik nog een speciaal hoorapparaat. Dat werkt met een microfoonzendertje op het hemd van de prof. Het filtert de achtergrondgeluiden weg.»

Maak je soms gebruik van een doventolk?
Kim: «Neen, in de Vlaamse Gebarentaal (VGT) ontbreken gebaren voor bepaalde vaktermen - wat wellicht te verklaren valt doordat de VGT lange tijd als een minderwaardige taal ervaren werd. Dit laatste is gelukkig aan het veranderen. Een tweede reden is dat ik Engels studeer. Als men in het VGT zou tolken, zou ik mijn vaardigheden in het Engels niet meer trainen. Een derde heikel punt is dat op universitair niveau de tolk erg goed op de hoogte zou moeten zijn van de lesinhoud en alle begrippen. Dat is allerminst vanzelfsprekend.»

Zijn sommige lesomstandigheden echt onmogelijk voor jou?
Kim: «Werkcolleges, waar interactie tussen lesgever en student erg belangrijk is, zijn heel moeilijk om volgen. Enkel de prof heeft een zendertje, en de gesprekspartners durven ook wel snel afwisselen. Als ze bovendien niet erg duidelijk articuleren heb ik het erg moeilijk om te volgen.»

«Voor zulke situaties worden wel oplossingen gevonden. Voor ‘Engels Taal & Tekst’ heb ik bijvoorbeeld een schrijftolk, die simultaan de discussie neertypt op mijn laptop. Zo lost het probleem van tegelijk te liplezen, noteren en reflecteren over de les zich grotendeels op. Voor de rest neem ik vaak ook kopies van medestudenten. Met liplezen kom je er niet helemaal.»

Hoe begeleidt de K.U.Leuven problemen als deze?
Kim: «Voor een student start, wordt met de dienst functiebeperking overlopen waar er zich problemen kunnen voordoen. Met enkele folders en een brief werden proffen geïnformeerd over mijn doofheid, het zendertje en het liplezen. Op de eerste dag zelf werden mijn medestudenten op de hoogte gebracht, door een kort woordje van de logopediste en van mezelf. Er wordt dan vooral besproken hoe er met mijn doofheid omgegaan kan worden.»

Zijn er speciale regelingen genomen voor mondelinge examens?
Kim: «Ik heb er nog geen gehad, dus ik weet nog niet goed hoe dat zal verlopen. Ik hoop natuurlijk dat de proffen dan hun best zullen doen om duidelijk te articuleren, maar voor het liplezen is het wel mooi meegenomen dat ik dan vlak voor hen zit. Moest er toch nog wat misgaan, dan kan er een andere evaluatiewijze afgesproken worden. Dat valt af te wachten.»

Bron: Veto.be / Doof.nl