Image Vanaf 1 januari 2008 moeten de landelijke publieke en commerciële zenders een verplicht percentage van hun oorspronkelijk Nederlandstalige programma’s ondertitelen. Dat staat in een nieuwe Algemene Maatregel van Bestuur, die waarschijnlijk per 1 januari 2007 in werking treedt. In vier jaar tijd moet de commerciële omroep groeien van 15% ondertitelde Nederlandstalige programma’s in 2008 naar 

50% in 2011, meldt het Commissariaat voor de Media. Voor de publieke omroep geldt een percentage van 80% in 2008 tot 95% in 2011. De omroepen mogen zelf kiezen op welke manier zij de ondertiteling verzorgen, via teletekstpagina’s of met voor iedereen zichtbare ondertiteling.
De belangenorganisaties voor doven en slechthorenden, participerend in het Samenwerkingsverband Ondertitel Alle Programma’s (SOAP), zijn erg blij zeer met deze stap. Doven en slechthorenden zullen dankzij de frequentere ondertiteling meer uitzendingen kunnen volgen.

Programma’s voor kinderen jonger dan 8 jaar die Nederlandstalig zijn nagesynchroniseerd (zoals tekenfilms), vallen niet onder de nieuwe regel, ze tellen niet mee voor de berekening van het percentage ondertiteling. Als de ondertitelingsverplichting ook voor die programma’s zou gelden, zou een omroep uit financiële overwegingen kunnen besluiten het inspreken van dergelijke programma’s voortaan achterwege te laten. Jonge kinderen die nog niet goed kunnen lezen zouden hiervan de dupe worden.

Bron: DovenNieuws.eu